Interview: Klaas Kuiken & Charley Reinders

Hun werk is een aanklacht tegen overconsumptie en de afvalberg, maar ook een ode aan verborgen waarde
en schoonheid. Van rommel maken Klaas Kuiken en Charley Reijnders opmerkelijke, soms raadselachtige
ontwerpen die tot nadenken stemmen. ‘Irritant onbegrijpelijk, maar ook totaal relevant.’ 

‘Wij willen mensen aan het denken zetten’
Klaas Kuiken & Charley Reijnders  

Ze zijn niet de enigen die met afval werken en zich druk maken over de wegwerpmaatschappij, maar Klaas Kuiken en Charley Reijnders produceren wel een heel eigen geluid. Dat is radicaal, een
beetje alarmerend, maar ook humoristisch. Stop Making Sense is hun slogan. En dat is niet omdat ze vinden dat de wereld zo verstandig bezig is. Cynisme en verontwaardiging liggen eraan ten grondslag. Maar ook een behoorlijke dosis absurdisme. Klaas: ‘We zijn erg geïnspireerd door het dadaïsme uit begin twintigste eeuw, een anarchistische cultuurstroming die voortkwam uit de ellende van de Eerste Wereldoorlog en onvrede over de heersende normen. Alles overhoopgooien en opnieuw beginnen, dat was zo ongeveer de strekking. Maar dan wel met de nodige absurde humor. Lawaai maken zonder helder statement. Wij zitten wel op dezelfde lijn.’ Charley: ‘We leven nu weer in een tijd van grote veranderingen, met de klimaatcrisis, de pandemie, de oorlog en de grote vluchtelingenstroom – behoorlijk spannend allemaal. Hoe ga je daar als ontwerper mee om. Heb je daar een antwoord op?’

Wat is design?
Te midden van vele hightechbedrijven op het Arnhemse industriepark Kleefse Waard gebeurt het allemaal. Klaas en Charley delen er een bedrijfsruimte met collega-ontwerpers. Een enorme schappenkast staat er vol met de kunstig opgeblazen groene flessen, waarmee Klaas al sinds zijn afstuderen furore maakt. In een andere hoek staan sfeervolle tableaus à la de beroemde zeventiende-eeuwse bloemstillevens, maar in dit geval gemaakt uit plastic bloemen van de kringloop. Een paar stagiaires bedrukken T-shirts met de slogan van het duo. Charley, besmuikt: ‘Onze marketing, haha.’ Stop Making Sense is weliswaar een aanklacht tegen overconsumptie en de afvalberg, het is óók design en dient dus liefst wel verkocht worden. De dilemma’s liggen voor het oprapen, Klaas geeft het volmondig toe.
De twee waren studiegenoten aan de Arnhemse kunstacademie ArtEZ. Ook destijds voerden ze al lange gesprekken over de rol van design. De hamvraag – wat is design? – hield hen nachtenlang bezig, maar vooral ook: wat is het belang ervan? Charley: ‘Het voelde allemaal nogal nutteloos, alles wás er immers al. Maar ja, we stonden er toen behoorlijk puberaal tegenover.’ Klaas, hard lachend: ‘Dat is eigenlijk nog steeds zo.’ Los van hun gezamenlijke ontwerpen onder de naam White Noise Dada – White Noise vanwege het lichtelijk storende karakter van witte ruis, Dada vanwege het dadaïsme – werken ze ook afzonderlijk van elkaar. Klaas is productontwerper en geboeid door maaktechnieken, hij ontwierp meubels, gegoten kachels en klokken, vazen, lampen en een slimme dakpan met geïntegreerd vogelhuisje. Charley ging na haar studie aan ArtEZ door naar het Sandberg Instituut en koos voor het grensgebied tussen kunst en design. Ze maakt eigenzinnige objecten en installaties. 

‘We willen met humor verleiden. Dingen maken die afval een nieuw en onverwacht uiterlijk geven’ 

Plastic tasjes & oude matrassen
De eerste presentatie van Stop Making Sense was tijdens Dutch Design Week 2019. Daar stond een kast gemaakt uit plastic draagtasjes, in vorm gesmolten over een houten frame. ‘Die tasjes zijn moeilijk te recyclen, heel goed dat ze afgeschaft worden. Uiteindelijk is de kast een soort fossiel van onze tijd, met tasjes van bedrijven die deels al lang niet meer bestaan.’ Het duo ziet in veel afval verborgen waarde en schoonheid. Bepaald niet fris was het werken met oude matrassen. Klaas: ‘Ik vond de oude tijk te bijzonder om niet te gebruiken.’ Hun zitbank Johnny bestaat uit een houten frame, bekleed met plakplastic met marmermotief, en een zitting van twee gestapelde matrassen. Een radicaal statement, dat wel, maar een aantrekkelijk zitmeubel? Hun kast The Load werd in 2019 genomineerd voor de Ro Plastic Prize in het kader van de expositie Guiltless Plastic, die Rossana Orlandi elk jaar organiseert. White Noise Dada is dit jaar opnieuw genomineerd, nu met de plastic bloemstillevens.
De twee willen het publiek op de feiten wijzen. Klaas: ‘Overconsumptie, de afvalberg, het deugt allemaal niet. Waar the fuck zijn we mee bezig?! Het kost enorm veel energie en grondstoffen om plastic te produceren en we gooien het massaal weg. Vooral de verpakkingsindustrie is de boosdoener. Er zijn al genoeg oplossingen voorhanden, maar er worden geen beslissingen genomen. De politiek is veel te laks. Er kan al lang plastic uit zetmeel worden gemaakt, maar dat vindt men te duur. Vreselijk frustrerend dat veranderingen te langzaam gaan.’ Hij ergert zich groen en geel. Charley: ‘We kunnen er heel depressief van worden, maar het heeft weinig zin om samen op de bank de wereld te gaan zitten haten.’ Met hun ontwerpen gemaakt uit afval wil het duo mensen op een luchtige manier aan het denken zetten. ‘Met een glimlach. We willen de toeschouwer met humor verleiden. Dingen maken die het afval een nieuw en onverwacht uiterlijk geven.’ 

‘Het is ook de sport, om te kijken wat je nog meer kunt maken van ouwe zooi’

Plezier in het experimenteren 
Dat is in het geval van de bloemstillevens goed gelukt. Plastic bloemen en planten uit de bakken van de kringloop hebben ze geplet op aluminiumplaat of gesmolten op plastic granulaat. Het effect is vervreemdend en heel verleidelijk. Klaas: ‘We zijn geen dominees, wij hebben geen oplossing. We geven alleen commentaar op het hier en het nu. Daarnaast is het ook een beetje de sport, om steeds te kijken wat je nog meer kunt maken van ouwe zooi.’ Ze hebben allebei veel plezier in het experimenteren en dingen zelf maken. Dat gaat snel en simpel, vooral vergeleken met reguliere ontwerpopdrachten waar doorgaans veel tijd en rompslomp aan vastzit. In het begin hebben ze zelfs oude matrassen uit elkaar gesloopt en van het schuim pilaren gemaakt. Inmiddels weten ze dit materiaal op een schonere manier te pakken te krijgen. Van resten schuim creëren ze kleurige muurbekleding, zoals in het hotel van Piet Hein Eek te zien is. Dilemma is wel dat White Noise Dada hun creaties uit afval als design presenteert en daarmee dus zelf ook meedraaien in het systeem. ‘Ja, het is dubbel. Dualistisch zelfs.’ Maar dat mag de pret niet drukken.
In hun webshop bieden ze gestreepte wegwerpdraagtasjes aan met opschriften als rotzak, klootzak, goedzak, platzak en zitzak. Ze zijn tussen glasplaten geperst en voorzien van een keurige houten basis met een gegraveerd messing naamplaatje. Kosten: 110 euro. Klaas, grijnzend: ‘Het is een statement, maar tegelijkertijd een herinnering aan het verleden, nu die tasjes uit beeld raken.’ Helemaal bijzonder wordt het bij objecten zoals Mrs. Jones. Het is een installatie (of is het een sculptuur?) die met de vrije hand opgebouwd is uit delen van een gesloopte fauteuil. Een zorgzaam vormgegeven object met de nodige zeggingskracht. Maar om dat in een kringloopwinkel te presenteren met het prijskaartje van twintigduizend euro, dat gaat wel erg ver. Klaas kan niet anders dan keihard lachen. ‘Ja, dat ging wel ver. Maar och, het is een zoektocht en een werk in uitvoering: de dadaïsten wisten tenslotte ook niet zo goed waar ze mee bezig waren.’

Eigen Huis & Interieur 03 – 2022
Tekst Marianne van Dodewaard Fotografie portret Kaatje Verschoren

Meer lezen? Bestel de nieuwe Eigen Huis & Interieur online (geen verzendkosten!)